zondag 16 mei 2010

Van prof tot amateur en omgekeerd



Wouter Vandermieren(21) was ooit profvoetballer bij KRC Genk maar kwam door omstandigheden terecht bij derdeklasser KSK Heist. Glenn Van Asten werd met diezelfde ploeg kampioen en maakt nu de omgekeerde stap naar eerste klasse waar hij een gooi doet naar een mooie carrière bij KVC Westerlo.

“ Om op het veld naast jongens al Henry, Pires en Ljungberg te trainen, is een onvergetelijke ervaring.” Wouter kreeg de kans om vijf dagen op stage te gaan bij Arsenal en greep ze met beide handen. Een transfer is er uiteindelijk niet gekomen. Zeker omdat hij als 15 jarige nog niet klaar was om familie en vrienden te verlaten en naar een land te gaan waarvan hij de taal niet sprak. Hij koos toen voor RC Genk en heeft daar achteraf nooit spijt van gehad.

Maar een mooie carrière werd hem niet altijd gegund. Wouter begon te voetballen bij de jeugd van Begijnendijk en koos na één seizoen voor een overstap naar KSK Lierse waar hij alle jeugdreeksen doorliep. Hij speelde lang bij de gewestelijke ploegen en mocht slechts af en toe invallen bij de A-ploeg. De grote ommekeer kwam er toen hij als tweede jaars miniem goed begon te presteren en werd geselecteerd voor de nationale jeugdploeg. Met die jonge Rode Duivels speelde hij vaak wedstrijden tegen andere landen en daar werd hij opgemerkt door buitenlandse scouts.

Vandermieren weet nog hoe hij na de wedstrijd België – Frankrijk in de kantine kwam en een paar onbekende personen bij zijn ouders stonden. Een daarvan was een Belgische manager en de ander was een scout van Arsenal. Die makelaar regelde achteraf een stage bij de Gunners waar hij dan vijf dagen kon mee trainen met de tweede ploeg.”Om zo een ervaring op jonge leeftijd mee te maken is echt onvergetelijk!"

Glenn Van Asten speelde eerder al bij andere clubs als KFC Heultje, Lierse SK en KSK Heist. Maar mag nu trots zeggen dat hij prof is bij KVC Westerlo. “Het is altijd een droom van me geweest om profvoetballer te worden, maar als je jong bent denk je gewoon meer aan het plezier van het spel.” Toen Glenn 17 werd en in het eerste elftal meespeelde, bleef de interesse van grotere ploegen niet uit. Vanaf dat moment kwam er een keerpunt in zijn prille voetbalcarrière en begon Glenn steeds mee te denken aan een leven als profvoetballer.

In de kijker
“Ik heb geluk gehad dat ik topschutter was op 20-jarige leeftijd en net toen in het oog ben gesprongen.” Glenn heeft daardoor extra publiciteit gekregen waardoor hij nu staat waar hij misschien anders nooit had gestaan. Doordat alles zo snel verliep had hij plots geen tijd meer om manager over zichzelf te zijn. Enkele makelaars overtuigden hem om met hen in zee te gaan omdat de contracten in eerste klasse niet eenvoudig zijn. “ Ik ben blij dat ik deze keuze heb gemaakt, want die managers hebben veel en goede contacten."

"Als je als jonge speler aanbiedingen krijgt, is het ook moeilijk de juiste keuze te maken. Glenn ondervond hetzelfde probleem wanneer hij gebeld werd door FC Eindhoven, KV Mechelen en Rupel Boom. “Er was interesse van verschillende clubs, maar wanneer Westerlo me belde, wist ik toch vrijwel zeker dat ik voor deze ploeg zou tekenen. Omdat ik zelf afkomstig ben uit de gemeente, maar ook omdat de club me meteen een financieel voorstel deed, gaf me het gevoel dat ze erg veel vertrouwen hadden in mij.”

Wet van Murphy
Op zijn vijftien tekende Wouter een contract bij RC Genk waar hij na twee jaar prof werd. Het leven van een voetballer werd voor hem een droom. Wouter moest om acht uur aanwezig zijn op de club, ontbijten en nadien trainen. Tijdens de middag uitrusten op de club waar hij kon tv kijken relaxen in de sauna of uitrusten in de jacuzzi. Had hij een kwaaltje dan kon hij daar naar de kinesist gaan of vragen om een massage. Kortom het was een luxeleventje. Maar niet alles was rozengeur en maneschijn. “In het voetbalwereldje heb je geen vrienden. Ze zijn vriendelijk in je gezicht, maar achteraf steken ze een mes in je rug.”

Bij RC Genk brak Wouter echter nooit door. Hij mocht acht keer op de bank zitten maar van invallen is het nooit gekomen. Het jaar nadien werd hij uitgeleend aan Westerlo waar hij zeven keer werd geselecteerd voor de wedstrijd maar ook daar kreeg hij niet veel speelminuten. Maar toen hij voor de match tegen Sint – Truiden, de laatste in de stand, zijn kans ging krijgen sloeg de wet van Murphy ongenadelijk toe. Op de laatste training voor de match kreeg Wouter een bal toegespeeld die hij op de buitenkant van zijn voet meenam. Bij deze beweging sloeg hij echter zijn voet om en belandde meteen in het ziekenhuis. Daar kwam de vaststelling dat hij met een scheur in zijn ligamenten zat. Uit voor de rest van het seizoen was het resultaat.

De overstap
Glenn had een gesprek met de club en dat voorspelde veel goeds. Voorzitter Herman Wijnants vertelde dat ze toekomst in hem zagen en dat ze vooral wilden voorkomen dat een andere eerste klasse ploeg met Glenn aan de haal zou gaan. “Ze zeiden dat ik de tijd zou krijgen om me aan te passen aan het niveau en dat hun verwachtingen voor het eerste seizoen niet hoog waren. Mijn transfer werd dus een feit.”

Van drie keer trainen per week in Heist naar wel acht trainingen en twee wedstrijden bij Westerlo was wel even aanpassen voor de jonge ster. Al bij al verliep de overgang erg vlot en Glenn geraakte snel gewoon aan het tempo en het spelniveau. “Natuurlijk heb ik ook, net als andere spelers, mijn zwakke momenten. Aan mijn constante prestaties moet ik wel nog werken, maar de trainer zegt dat die er komen door ervaring op de doen.”

In wedstrijden gaat het enorm snel. Glenn beseft nu dat het verschil met lagere klassen groot is. Zo mocht hij tijdens de match tegen Standard een kwartier invallen en voelde toen dat hij nog sterker zal moeten worden. “Uiteraard blijft het nu nog bij een kwartier invallen. Die andere voetballers hebben zich al meer bewezen in andere clubs in België of zelfs in het buitenland.”

Voetballer versus Fabrikant
Het leven als prof neemt Glenn vrij rustig op. Hij steekt het echter niet onder stoelen of banken dat hij enorm geniet van zijn carrière tot dusver. Voetballen was voor hem een hobby, maar nu mag hij er ook nog eens zijn verdienste van maken. En om dat interessante loon te behouden, staan daar natuurlijk andere zaken tegenover. De spelers moeten conditioneel fit blijven en de trainingen zijn niet min. Glenn werkt er hard voor, maar het is een leuke manier om aan geld te komen.

Toch blijft de Westerlo speler erg bescheiden. “Mijn oude leven is wel veranderd uiteraard. Vroeger ging ik in een fabriek werken en moest ik ’ s avonds gaan trainen. Nu is het net andersom. Overdag trainen en ’ s avonds tijd vrij hebben. Verder is mijn leven nog vrijwel hetzelfde, al wordt ik wel vaker aangesproken op straat.”

Glenn had nooit verwacht dat hij van een derde klasse ploeg plots zou doorstromen naar Westerlo, waarmee hij soms in stadions speelt voor wel twintig duizend toeschouwers. Een voetballer als Glenn speelt liefst elke wedstrijd maar hij weet ook dat zoiets tijd nodig heeft. “ Soms is het frustrerend als je een hele week traint en in het weekend geen seconde het plein op mag. Ik probeer sterk te zijn en mijn motivatie uit elk moment te halen. Mijn droom is om de komende seizoenen toe te werken naar een vast contract bij Westerlo. Als ik daarin slaag, kan mijn voetbalcarrière niet meer stuk!"

Stap terug
Voor Wouter was het laatste jaar bij RC Genk een complete teleurstelling. Hij trainde een heel seizoen bij de B-ploeg, speelde amper vier wedstrijden en zijn contract liep af. Het vertrek volgde en wegens te weinig interesse zag hij zich genoodzaakt om bij derdeklasser KSK Heist te tekenen. Wouter staat al 22 wedstrijden in de basis, maar echt uitblinken, zit er nog niet in. “Ik heb gemerkt dat ho lager je gaat spelen hoe moeilijker het wordt om te voetballen. Mijn eerste doel was om titularis te worden en daar ben ik in geslaagd.” Wouter is momenteel niet aan het werk en leeft dus nog steeds als prof. ’s Morgens gaat hij lopen, fitnessen en zwemmen en ’s avonds volgt de training. “Het enige verschil is dat vroeger al mijn kleren klaar lagen op de club en dat is nu wel anders.”

Dromen
“Ik ben nog altijd maar 21 en de ambitie om terug te spelen op het hoogste niveau is aanwezig. Soms denk ik wel eens: kan ik nog steeds goed voetballen? In de toekomst zou ik graag terug in eerste klasse spelen. Mijn grootste droom is om in het buitenland te spelen. Maar dat zullen dromen blijven, vrees ik.”

Geen opmerkingen:

Een reactie posten